Hendrik Petrus Berlage

Een van de meest kenmerkende eigenschappen van Berlage's werk is dat zijn ontwerpen zijn gebaseerd op het idee van het Gesamtkunstwerk, de synthese van de kunsten. Veel werken van Berlage bevinden zich in Amsterdam. Belangrijke projecten zijn het gebouw voor 'De Algemeene' (1893) op het Damrak (later C&A), het gebouw voor de Algemene Nederlandse Diamantbewerkers Bond de Burcht van Berlage' (1900), de Beurs van Berlage (1903), het uitbreidingsplan Amsterdam-Zuid (Plan Zuid) (1917), het Mercatorplein (1925) en de Berlagebrug (1928). Ook in Den Haag heeft hij veel gewerkt. Hier bouwde hij onder meer een tweetal gebouwen voor De Nederlanden van 1845 (Kerkplein en Groenhovenstraat), een woonhuis voor de directeur van de verzekeringsmaatschappij, Carel Henny en de woonwijk Laakkwartier. De Christian Science-kerk is het enige kerkgebouw van de hand van Berlage dat ooit werd gebouwd. In 1914 ontwierp Berlage, van 1913 tot september 1919 in dienst bij het echtpaar Kröller-Müller, het Jachthuis Sint-Hubertus en de boerderij 'De Schipborg' aan de Borgweg 66 in Schipborg in Drenthe. Het Jachthuis was het buitenhuis van de familie, gelegen in het Nationaal Park De Hoge Veluwe, en de boerderij was bestemd voor hun zoon. Berlage's laatste grote werk is het Gemeentemuseum Den Haag, waarvan hij de voltooiing in 1935 niet meer meemaakte. Een ander belangrijk werk is het voormalige gemeentehuis te Usquert, een van de twee uitgevoerde ontwerpen in de provincie Groningen, naast Villa Heymans aan de Ubbo Emmiussingel 108 in de stad Groningen, schuin tegenover het Station Groningen (hoofdstation). Voor bijna al zijn gebouwen ontwierp Berlage ook het meubilair, dit ook in de geest van het concept "Gesamtkunstwerk". In 1900 was Berlage betrokken bij de oprichting van 't Binnenhuis, een "verkooplokaal voor kunstnijverheid." Incidenteel was hij ook boekbandontwerper.