H.G. Smelt

OD205

In 1938 richtte Sam van Embden zijn eigen ontwerpbureau op. Hij was één van de eerste stedenbouwkundigen van Nederland en zou ook één van de spraakmakendste worden. Na de Tweede Wereldoorlog groeide het portefeuille van zijn bureau spectaculair. Voor tientallen gemeenten werden plannen gemaakt en uitgevoerd; voor de verwoeste centra en voor nieuwe uitbreidingswijken die de explosief groeiende bevolking van moderne woonruimte moest voorzien. In de naoorlogse periode zijn belangrijke medewerkers tot het bureau toegetreden. In 1947 was dat N.P.H.J. Roorda van Eysinga en in 1953, bij aanvang van de T.H. Eindhoven, J.L.C. Choisy, H.G. Smelt en J.E.B. Wittermans. Roorda, een landschapsdeskundige uit Wageningen, assisteerde Van Embden bij zijn stedenbouwkundige werk. Choisy, een Franse Zwitser, heeft een belangrijk aandeel gehad in de vormgeving van de T.H. Eindhoven en daarna van veel andere grote projecten. Smelt was vooral bekwaam in de uitvoering van bouwkundige werken, op technisch en organisatorisch gebied. Wittermans werd aanvankelijk aangenomen voor de ingenieurskant van het bouwen maar ontwikkelde grote managers-kwaliteiten. In 1964 koos Van Embden deze vier architecten, tot zijn compagnons. Van 1964 tot en met 1969 maakte Van Embden deel uit van de directie Van Embden Choisy Roorda van Eijsinga Smelt Wittermans Architecten en Stedebouwkundigen. Gretig stortte het bureau zich op nieuwe opgaven: met de baanbrekende ontwerpen van de TU’s van Eindhoven en Twente introduceerde het bureau de universiteitscampus in Nederland en verwierf het grote faam. Net zo als met de hoogbouw van de Medische Faculteit [Erasmus MC] Rotterdam.In 1969 trok Van Embden zich uit het bureau terug en werd OD205 als bureaunaam gekozen. Enerzijds een verwijzing naar het adres, de Oude Delft 205 in Delft, anderzijds ook een signaal dat niet een bepaalde persoon richting gaf aan het bureau, maar het collectief. Geheel in de geest van de jaren zestig ontbreekt elke verwijzing naar een persoonsnaam.